
Uitvoeringswet Internationaal Strafhof
Artikel 18
1
De officier van justitie die van Onze Minister het verzoek tot overlevering heeft ontvangen, is bevoegd de aanhouding te bevelen, welk bevel in het gehele land ten uitvoer kan worden gelegd.
2
De persoon wordt na zijn aanhouding binnen vierentwintig uren voor de officier van justitie geleid. Na de opgeëiste persoon, met inachtneming van de artikelen 55, tweede lid, en 59, tweede lid, van het Statuut, te hebben gehoord, kan de officier van justitie bevelen dat de opgeëiste persoon in verzekering gesteld zal blijven tot het tijdstip waarop de rechtbank over zijn gevangenhouding beslist.
Jurisprudentie bij dit artikel
- Hieronder wordt een selectie van de bijbehorende jurisprudentie getoond.
- Geen resultaten gevonden voor de door u opgegeven zoek termen.